Erfgoed in het bestemmingsplan

In verschillende onderdelen van het bestemmingsplan kan cultureel erfgoed aan de orde komen. Als hulpmiddel om erfgoedwaarden in het bestemmingsplan op te nemen, is de matrix (pdf 0,4 MB) ontwikkeld.

Naast het gemeentelijke beleid ten aanzien van erfgoed zijn er ook erfgoedwaarden van provinciaal, nationaal of internationaal belang die de gemeente op moet nemen in het bestemmingsplan. Dit zijn werelderfgoederen, gebouwde rijksmonumenten, archeologische rijksmonumenten en beschermde stads- en dorpsgezichten. Sommige van deze erfgoedwaarden zijn al beschermd via de Erfgoedwet zoals de gebouwde en archeologische rijksmonumenten. Gemeentelijke en provinciale monumenten worden beschermd op basis van de gemeentelijke of provinciale erfgoedverordening.

Wat moet?

Rekening houden met cultuurhistorie

Volgens het Besluit ruimtelijke ordening is de gemeente verplicht om in de toelichting van het bestemmingsplan een gemotiveerde beschrijving op te nemen van de wijze waarop rekening gehouden is met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden (gebouwd erfgoed, archeologie en cultuurlandschap). Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren. Dit betekent dat de gemeente een analyse moet maken van de cultuurhistorische waarden in het plangebied en daar conclusies aan verbindt die in een bestemmingsplan verankerd worden.

Regels opnemen voor de omgang met erfgoed

Rekening houden met erfgoed betekent ook dat daartoe regels worden opgesteld in het bestemmingsplan. Dit zijn bijvoorbeeld regels voor activiteiten die (te verwachten) archeologische waarden kunnen verstoren. Dergelijke activiteiten kunnen omgevingsvergunningplichtig worden gesteld. Dit geldt ook voor de bescherming van andere cultuurhistorische waarden zoals cultuurhistorisch landschap, gebouwd erfgoed en (historische) stedenbouw. ln het bestemmingsplan wordt expliciet aangegeven voor welke ingrepen een omgevingsvergunning noodzakelijk is.

Toelichting waarden van beschermde stads- en dorpsgezichten

Voor beschermde stads- en dorpsgezichten geldt dat in de toelichting van het bestemmingsplan aandacht moet worden besteed aan de te beschermen waarden. Daarnaast komen deze waarden aan de orde in de verbeelding en de planregels. De wet spreekt van een ‘beschermend bestemmingsplan’, een gedetailleerder bestemmingsplan met strengere regels.

Wat kan?

Veel gemeenten leggen het beleid ten aanzien van erfgoed vast in een erfgoednota of beleidsplan. Hiervoor worden cultuurhistorische waardenkaarten, beleidskaarten en inventarisaties ontwikkeld. De kaarten kunnen cultuurhistorisch integraal zijn, maar er kan ook sprake zijn van aparte kaarten of inventarisaties per erfgoedthema. Een voorbeeld van zo’n thematische kaart is een archeologische verwachtingskaart.

Het erfgoedbeleid kan direct doorwerken in het bestemmingsplan, maar kan ook worden opgenomen in de gemeentelijke structuurvisie die als basis dient voor de gemeentelijke bestemmingsplannen.

Landelijke standaarden

Een bestemmingsplan moet voldoen aan landelijke standaarden: de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP). In de SVBP staan diverse mogelijkheden om cultureel erfgoed te borgen. Hiervoor is gebruik te maken van:

  • bestemmingen en planregels
  • dubbelbestemmingen
  • aanduidingen

Borging van verschillende erfgoedcategorieën

De mate en manier waarin cultuurhistorische waarden moeten worden verankerd in planregels is niet in de wet vastgelegd. Het is aan de gemeente om een goede afweging te maken. Als hulpmiddel is de matrix ontwikkeld. Hier zijn de verschillende mogelijkheden op een rij gezet om erfgoedwaarden in het bestemmingsplan op te nemen. Voor de waarden in de matrix is een toelichting (pdf 0,1 MB) opgenomen.