Blog: samen doen, dat kost tijd

14 november 2018

Door Eva Stegmeijer

Vorige maand bood de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) onderdak aan een gemêleerd internationaal gezelschap. Of liever gemeenschap. Want het congres ging over participatie, over beheer van gebouwd erfgoed door mensen, u weet wel, burgers. Vele concrete bottom-up initiatieven, maar ook meer van bovenaf geregisseerde vormen van samenwerking passeerden de revue, waarbij sprekers ook lekker concreet werden met hun tips over wat wél, en wat juist niet te doen. 

Een theater kraken in Gualtieri (Italië) en met buurtbewoners compleet renoveren. Zo’n megaverbouwing waarbij het maar goed is dat je er naïef instapt. Er worden inmiddels prachtige voorstellingen gegeven voor en door omwonenden. Of wat meer vooraf uitgedacht mensen en hun competenties matchen met hulpbehoevende monumenten in Finland; adopt a monument. Een van de lessen is dat je soms gaandeweg je strategie moet aanpassen van compleet van onderop naar wat meer sturing - en omgekeerd. Don’t be afraidto dance the ladder, een verwijzing naar het standaardwerk van Sherry Arnstein over publieksparticipatie uit, ja heus, 1969: a ladder of citizen participation. Over gradaties van werkelijk ruimte bieden aan bevolking. Naast werksessies bood ook een excursie pal om de hoek inzicht in de praktijk.

In het Eemkwartier grenst het pre-crisis overheidsgestuurde nieuwbouwproject rond het Eemplein pal aan De Nieuwe Stad; een stapsgewijze gebiedsontwikkeling waarbij impuls aan de resterende industriële panden wordt gegeven. Ook hier wordt wel leiding genomen, door de projectontwikkelaar die eigenaar is, door (creatieve) bedrijven en gedreven personen. Het feit dat de zeep- en tandpasta fabrieken nog staan, wordt voornamelijk aan een legendarische bewoonster van Amersfoort gewijd. Die dame met die sleutelrol, ook in de nabijgelegen wagenwerkplaats. Een zekere vorm van leiderschap is onontbeerlijk, stellen diverse ervaringsdeskundigen. Hoe organiseer je die, wie beslist, wie is niet betrokken en waarom niet?

Een kritische noot over democratisch gehalte en openbare verantwoording van allerlei trusts en andere vormen van publiek-private samenwerking kan natuurlijk niet ontbreken. Want naast bewoners, ondernemers en andere doeners namen er ook wetenschappers, studenten en beleidsmakers deel. De ruim honderd deelnemers waren afkomstig uit 17 landen, passend bij de reikwijdte van de initiatiefnemer: het Joint Programming Initiative on Cultural Heritage. Dat zijn Europese landen die samen erfgoedonderzoek agenderen en financieren, en dit congres werd door RCE als Nederlandse vertegenwoordiger georganiseerd binnen het Europees Erfgoedjaar.

Naast het uitwisselen van ervaringen en formuleren van concrete handvatten werd in de slotsessie gezamenlijk besproken wat we nog niet weten; wat we écht nog te weten willen komen. Toekomstig onderzoek dus. Dat kost nog even tijd, en resultaten laten zich niet altijd sturen. Dat past wel bij participatieve projecten. Terug naar het Eemkwartier. Voor een keet zit een groep ‘oude’ bewoners van het gebied; dit is hun (hang)plek. Het gloednieuwe, multifunctionele plein erachter - de Oliemolenhof, met zijn prachtig ontworpen groen en duurzame tintje want enkel elektrische auto’s mogen er gratis staan en opladen – mikt wel op ontmoeting maar ligt er verlaten bij. Zal het nog ontdekt gaan worden? Participatie, concludeert een spreker, kost tijd.