Communicatie en participatie

Draagvlak en samenwerking zijn steeds belangrijker om ruimtelijke plannen te laten slagen.

Draagvlak komt echter niet vanzelf. De juiste inspanning op het juiste moment met de juiste toon zijn essentieel.

Communicatie

Cultureel erfgoed een plek geven in de ruimtelijke ordening lukt niet alleen. Daarvoor is draagvlak en samenwerking nodig. Vaak leidt de tussenkomst van onder meer bewonersorganisaties, monumentenbeschermers en amateurarcheologen tot een nieuwe inzichten. De gemeente kan haar voordeel doen met de expertise van anderen door helder te communiceren, relevante partijen tijdig bij de planvorming te betrekken en afspraken te maken over erfgoedbeheer en uitvoering van de ruimtelijke plannen. Dit gebeurt op 2 manieren.

1. Draagvlak creëren

De eerste stap is om erfgoed voor het voetlicht te brengen. Naast het agenderen van erfgoed bij andere beleidsvelden (zoals ruimte, recreatie en toerisme) binnen de gemeente, richt deze communicatie zich ook op andere overheidslagen, maatschappelijke organisaties en burgers.

Er zijn diverse manieren om kennis over erfgoed te verspreiden. Denk aan folders, brochures, boeken, fiets- en wandelkaarten en artikelen in plaatselijke media. Maar ook lezingen, bijeenkomsten en subsidieregelingen voor lokale erfgoedorganisaties en voorbeeldprojecten. Historische gebouwen, cultuurlandschappen en archeologische vindplaatsen hebben een belevingswaarde. Ze spreken tot de verbeelding omdat ze een verhaal vertellen. Hiermee komen we meer te weten over onze geschiedenis en over onszelf. De communicatie over erfgoed hoeft dan ook niet hoogwetenschappelijk te zijn. Vertel het verhaal achter het object, maak gebruik van aantrekkelijk beeld en schrijf toegankelijke teksten. Benadruk de kansen. Erfgoed draagt bij aan de kwaliteit van onze leefomgeving; door erfgoedwaarden op die manier onder de aandacht te brengen, worden andere beleidsvelden, overheden, organisaties en burgers verleid én geactiveerd om vanuit zichzelf een bijdrage te leveren aan het behoud van ons erfgoed.

2. Afspraken maken

In het samenspel tussen erfgoed en ruimte is het niet altijd mogelijk om alles via de juridische weg te verankeren. Dat is ook niet nodig. Veel zaken kunnen geregeld worden in onderling overleg tussen betrokken partijen.

Denk bijvoorbeeld aan de situatie waarbij wensen vanuit het erfgoedbelang niet aansluiten bij het detailleringniveau dat de gemeente in het ruimtelijk plan (bestemmingsplan) wil aanhouden. Dan kunnen er nadere afspraken worden gemaakt. Dat kan door middel van gebiedsafspraken en afspraken over de omgang met bepaalde specifieke waarden bij een grootschalige ruimtelijke ingreep. Maar ook een intentieverklaring, convenant of samenwerkingsovereenkomst behoren tot de mogelijkheden. Deze afspraken gelden niet alleen voor overheden; ook maatschappelijke organisaties, woningbouwcorporaties, adviesbureaus, landbouw en het lokale bedrijfsleven zijn samenwerkingspartners.

Participatie

Tegenwoordig worden steeds meer ruimtelijke projecten bottom-up georganiseerd; het initiatief ligt dan bij kleine, niet professionele partijen. Denk hierbij aan bewonersorganisaties, een gelegenheidssamenwerking tussen plaatselijke bedrijven of collectieven van ontwerpers en kunstenaars. Aan de andere kant zijn er nog steeds de klassieke (stedenbouwkundige) projecten waarbij de gemeente kiest voor een strakke regie. In de participatieladder worden 5 niveaus van participatie omschreven.

  • Wanneer de gemeente informeert, worden burgers van de plannen op de hoogte gebracht. De communicatie is eenzijdig en er is weinig ruimte om de plannen te wijzigen, behalve via formele inspraakprocedures.
  • De gemeente kan de burgers ook raadplegen. Zij krijgen dan de gelegenheid om op de plannen te reageren. De gemeente kan er echter wel voor kiezen om de reacties naast zich neer te leggen.
  • Bij adviseren gaat het een stap verder: de betrokken burgers adviseren de gemeente over de planvorming. De gemeente neemt de verplichting op zich om het advies serieus te nemen en een reactie te geven.
  • Bij een coproductie werken gemeente en burgers op basis van gelijkwaardigheid met elkaar samen. De gemeente neemt verantwoordelijkheid voor de uiteindelijke beslissingen.
  • Wanneer er wordt gekozen voor meebeslissen, laat de gemeente de planvorming en uitvoering grotendeels aan anderen over. De gemeente heeft in deze variant alleen nog maar een adviserende rol.