Toekomst en verleden komen samen in omgevingsvisies

Fundament voor het verhaal van morgen

Op veel plekken in het land wordt actief gewerkt aan lokale en provinciale omgevingsvisies. De Omgevingswet stelt hieraan maar een paar voorwaarden: het moet een strategische visie zijn voor de lange termijn, betrekking hebben op alle terreinen van de fysieke leefomgeving, en de visie moet integraal zijn. Voor een goede omgevingsvisie is het cruciaal om het verhaal centraal te stellen, betoogt Jeroen Niemans. Eerst het verhaal, dan integraal.

Een omgevingsvisie moet een realistisch verhaal zijn over wat voor stad, dorp of regio je wil zijn en welke keuzes dit vraagt om dat verhaal te versterken. Van daaruit kun je gaan werken aan integrale oplossingen voor maatschappelijke opgaven. Het is een misvatting dat een integrale visie alles met alles moet verknopen. De ambitie moet juist het leggen van slimme verbindingen en het maken van heldere keuzes zijn. Dat bereik je wanneer je het verhaal centraal stelt, zo leren de ervaringen van de landelijke pilots omgevingsvisie.

Om een omgevingsvisie op te bouwen rond een verhaal zijn twee dingen nodig. Allereerst vraagt het om inzicht in het DNA. Dat is iets anders dan een label plakken op je gemeente; het is een zoektocht naar de elementen die het verhaal van je gemeente dragen. Stap twee is om dit verhaal te verbinden aan nieuwe opgaven die vragen om een ander perspectief.

Dorp van pioniers

De recente prijsvraag Energiek Nagele doet hiertoe een geslaagde poging. Nagele is in de jaren ‘50 ontworpen als een modeldorp – ‘het modernste dorp van Europa’ – en was een showcase voor Het Nieuwe Bouwen. Het verhaal van Nagele is dat van pioniers. Dat verhaal wordt nu verder uitgebouwd en verrijkt met een nieuw perspectief: kan Nagele uitgroeien tot een showcase voor de energietransitie, en daarmee opnieuw het modernste dorp van Europa zijn?

De eerste opbrengst van de prijsvraag levert alvast mooie nieuwe hoofdstukken op, zoals de visie Terug naar de Toekomst. Deze koppelt sociale doelstellingen aan de energietransitie en grijpt terug op collectiviteit, een van de ontwerpprincipes van het oorspronkelijke plan voor het dorp. Of neem de visie Nagele in Balans, die stelt dat de stedenbouwkundige structuur en architectuur van Nagele een ideale basis vormen voor een energietransitie van het dorp. Hierdoor kan Nagele transformeren tot een gebouwd energielandschap, waarbij de inwoners ‘energie-oogsters’ worden. Beide visies illustreren hoe een integrale opgave als de energietransitie verknoopt kan worden aan het verhaal van het dorp.

Gesprek met de stad

Het verhaal van gisteren als basis van het verhaal van morgen; deze aanpak wil Deventer inzetten voor haar omgevingsvisie. De stad wil onderzoeken hoe (het maken van) een tijdlijn kan helpen bij het gesprek over het verhaal van de stad. Het idee is dat deze tijdlijn een verbinding legt tussen de geschiedenis van de stad en de toekomstige opgaven. De komende periode zal blijken in hoeverre deze benadering het proces van de omgevingsvisie kan ondersteunen.

Hoe bewoners kunnen bijdragen aan het ontdekken en vormgeven van het verhaal van de stad is een belangrijk aandachtspunt in Deventer. In Rotterdam gebeurde dat al. Tussen januari en april 2017 werd hier een schat aan verhalen opgehaald: 9.000 Rotterdammers deelden hun visie op Rotterdam en haar inwoners in 2037. Deze verhalen en ideeën van uiteenlopende groepen Rotterdammers vormen samen het Verhaal van de Stad. Dit is in Rotterdam gebruikt als startpunt voor het gesprek over de omgevingsvisie. Op deze manier is er samen met de stad gebouwd aan een collectief en meerstemmig verhaal dat een logische onderlegger is voor de visie.

Panoramaschets voor Brabant. Beeld: H+N+S Landschapsarchitecten, Provincie Brabant

Panorama

Het tweede ingrediënt voor het verhaal als basis voor je omgevingsvisie is het perspectief: waar wil je over 20 jaar staan? Dat vraagt om inzicht in de toekomst. Om de toekomst te verkennen, kan het helpen om gewenste scenario’s te maken. Wat willen we dan bereikt hebben en hoe beogen we om te gaan met de grote transities die op ons afkomen?

De ontwerp-omgevingsvisie van de provincie Noord-Brabant kijkt vooral vooruit. De visie start met een ‘foto van Brabant in 2018’ om vervolgens een ‘panorama voor Brabant in 2050’ te schetsen. Met een fictieve dronevlucht wordt verkend hoe Noord-Brabant er anno 2050 uitziet zodra invulling is gegeven aan de beleidsdoelen van de provincie. Het is een vergezicht, een wensbeeld dat richting geeft aan het formuleren van doelstellingen: het versnellen van de Brabantse energietransitie, het klimaatproof maken van de provincie en werken aan een slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. Het panorama is nadrukkelijk geen blauwdruk, regionale strategie of nieuw beleidskader, maar geeft een perspectief waar alle partijen gezamenlijk naartoe willen werken. In een analyse is vervolgens uitgewerkt wat er nodig is om van de ‘foto’ naar het ‘panorama’ te komen.

Stad die toekomst maakt

Een toekomstgerichte visie zoals die van de provincie Noord-Brabant is gebaat bij een sterke inbedding in het lokale of regionale DNA. Een inmiddels klassiek voorbeeld daarvan is de regio Eindhoven. In de jaren ‘90 nog een zorgenkindje, nu een van de economische paradepaardjes van ons land. De geschiedenis is inmiddels welbekend: de stad moest zichzelf opnieuw uitvinden en trok zich met het profiel Brainport met succes uit het moeras. Een van de belangrijke onderleggers van dat succes is een consistent verhaal van een innovatieve stad die de toekomst maakt, gebouwd op de pijlers techniek, design en kennis. Een verhaal waar je bij wil horen en aan mee wil doen.

Voor een deel is het verhaal van Eindhoven als Brainport natuurlijk slimme marketing door in te zetten op een combinatie van high tech, design en sociale innovatie. Maar het is vooral de kracht van een logisch verhaal: het is van oudsher een slimme regio, met een enorme hoeveelheid onderzoek en ontwikkeling. Dit unieke DNA is een ingrediënt van het economische succes van deze regio. Er wordt stevig voortgebouwd op het fundament dat Philips heeft gelegd. Zo kon de High Tech Campus groeien vanuit de erfenis van het befaamde Philips NatLab. De stad voert dit verhaal consequent door en grote evenementen zoals de Dutch Design Week en Glow dragen hun steentje hieraan bij.

Strijp S, Eindhoven. Foto: Edwin Hoek.

Basis voor omgevingsvisie

De leidende principes voor de Eindhovense omgevingsvisie vat de gemeente samen in drie zinnen: ‘Eindhoven ontwikkelt zich tot economische wereldspeler op het gebied van hightech, maakindustrie en design. Om concurrerend te blijven, onderscheidt Eindhoven zich met een excellent vestigingsklimaat en is ze in staat om zich snel aan te passen aan de steeds veranderende vraag naar geschikte ruimte. Eindhoven zet in op gezonde en duurzame verstedelijking met behoud van haar mondiale en haar dorpse kwaliteiten en met bijzondere aandacht voor sociale cohesie en inclusie.’

De kern van je visie in drie zinnen samenvatten is al een prestatie op zich. Maar het is in lijn met het verhaal zoals dat al sinds de jaren ‘90 wordt verteld en gedeeld. Dit verhaal is nu ook weer de onderlegger en helpt bij het in samenhang oppakken van de grote opgaven van deze tijd. Met andere woorden: wanneer het verhaal op orde is, kun je de stap naar een integrale visie op gezonde en duurzame verstedelijking makkelijker zetten. 

Grondig onderzoeken

Het is verleidelijk om als regio of gemeente succesverhalen te kopiëren en ook de ‘Silicon Valley van de Lage Landen’ te willen worden. Door een vertaling te maken van het verhaal van Brainport pak je echter alleen de hoogtepunten, maar niet de context. Zowel Eindhoven, Rotterdam als Nagele laten zien dat de kunst juist schuilt in het zoeken naar de eigen unieke kwaliteiten en die als vertrekpunt te nemen. Deze verhalen van een dorp, stad of regio hoeven ook niet altijd groots en meeslepend te zijn. Durf als gemeente ook de kleine verhalen op te zoeken en als basis te nemen voor een passende toekomstvisie. Onderzoek samen met bewoners grondig wat voor gemeente je bent en wat voor gemeente je wilt worden, dan komt dat verhaal vanzelf bovendrijven.